bouillon

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kookkunst, voeding (kookkunst) (voeding) een aftreksel van magere vleesresten, beenderen of vis dat vaak de basis van een soep is
    Drink je je bouillon nog op?

Etymologie

* van het Frans

Vertalingen

Engelsbroth
Fransbouillon
DuitsBouillon
Spaanscaldo, bouillon, consomé
Italiaansbrodo
Portugeescaldo
Turkset suyu
Poolsbulion
Deensbouillon