bouwkavel

mannelijk (de)/ˈbɑukavəl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) stuk grond waarop een gebouw mag staan
    Iemand kan dan in zijn eentje een huis bouwen, maar omdat het vooral hier erg duur is om één woning op één bouwkavel te bouwen, is het ook mogelijk met een groep een appartementencomplex te bouwen.