bovenrand

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de bovengrens, het boveneinde
    Zit na veel gedoe het dekbed eindelijk recht in de hoes, dan komt het irritantste onderdeel: bovenrand van dekbed en hoes moeten strak op elkaar, anders lig je onder een leeg stukje hoes. Dat is ergerlijk. Eindeloos schudden dus om die twee bovenranden op elkaar te krijgen en te houden. Op de een of andere manier lukt dat nooit goed. 25 {{Aut|Groothuis, Diet
    Op mijn tenen meet ik de hoogte van het ijzergaas, ik kan met mijn hand net niet bij de bovenrand, zo'n tweeënhalve meter dus, maar daarbovenop zat ook nog van dat gemene prikkeldraad. {{Aut| Bok, Pauline de
    In de jaren 90 was het in om de bovenrand van je onderbroek te tonen, liefst met een duur merk op. De trend kwam overwaaien van Amerikaanse rappers die broeken met lage kruisen droegen, naar verluidt uit solidariteit met gedetineerden die geen riemen mochten hebben om hun broek op te houden. de Standaard 16 APRIL 2016 Cathérine De Kock

Vertalingen

Engelstop margin, upper edge