bruidsstoet
mannelijk (de)/'brœytstut/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de optocht van het bruidspaar en de bruiloftsgastenHet was vroeger, meen ik, toch de maand dat niet alleen vogels een ei legden, maar bij de raadhuizen in den lande de ene bruidsstoet plaats moest maken voor de volgende. Dit jaar lijkt september wel de trouwmaand geworden. Alleen… er wordt zo te zien geen stadhuis meer aangedaande Telegraaf 29 september 2014Fotografe Gaby Ermstrang, die meereed in de bruidsstoet, greep het fileleed aan om de foto van de dag te maken. Ze sleurde de aanstaande echtelieden uit hun bolide en liet ze poseren tussen de stilstaande auto's. „We hadden op de trouwlocatie een fotoshoot ingepland. Ik heb daar een paar foto's kunnen maken, maar als je later aankomt is trouwen belangrijker.”Tubantia Heleen Boex 17 augustus 15
Vertalingen
Engelswedding procession
DuitsHochheitszug, Brautzug
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek