Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

bruine boszanger

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een kleine zangvogel uit de familie van . De vogel werd in 1842 door de Britse vogelkundige Edward Blyth geldig beschreven. Deze boszanger leeft voornamelijk in laag struikgewas in delen van Oost-Azië

Etymologie

*(coll)