buigspier

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bœyxspir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spier die zorgt dat een ledemaat buigt
    De Braziliaan Gustavo Kuerten onthulde na de wedstrijd dat hij sukkelt met een blessure aan de buigspieren van de rechterheup.
    Na verloop van tijd kan er ook verkorting van de buigspieren van de tenen optreden, met hamertenen als gevolg. Bij langdurig dragen van slippers zou ook heup- en lage rugpijn kunnen optreden.

Vertalingen

Engelsflexor