burgerklasse

vrouwelijk (de)/ˈbʏrɣərˌklɑsə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het deel van een bevolking dat redelijk welgesteld is
    Rote Hilfe had de bijeenkomst voor arbeidersvrouwen georganiseerd over hoe je de nieuwe voorbehoedsmiddelen gebruikte, hoewel het verboden was door de burgerklasse.