burgerlijkheid

vrouwelijk (de)/'bʏrɣərləkhɛɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het gedrag en het leven dat past bij eenvoudige mensen
    Ondanks je wethouderschap en je semi-culturele uitstraling kleeft aan jou toch het imago van burgerlijkheid. Sjoelen of zaterdagavond, barbecuen? Wil je je doelbewust als man van het volk presenteren?
  2. het gedrag en het leven van bekrompen mensen
    De avonden van Reve komt voort uit de modder van de lage landen, uit de benauwde naoorlogse burgerlijkheid.

Etymologie

* afleiding van burgerlijk

Vertalingen

Engelsnarrow mindedness