businesspartner
mannelijk (de)/ˈbɪsnɪsˌpɑrtnər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een persoon waarmee men zakelijk samenwerktBuckens was als businesspartner en sponsorvertegenwoordiger van Willem II een bekend gezicht bij de club.4De politie heeft vandaag in Rio de Janeiro wegens de mogelijke illegale verkoop van WK-tickets een topmanager van 'Match Services', een businesspartner van de FIFA, gearresteerd.
- organisatie waarmee men zakelijk samenwerktDe Chinese telecomgigant Huawei is de nieuwe businesspartner van Ajax. Het bedrijf is niet de nieuwe hoofdsponsor, zoals de geruchten eerder gingen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek