cachelot
mannelijk (de)/ˌkɑʃəˈlɔt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (walvisachtigen) bepaald soort zeezoogdier, uit de familie der potvissen (), de grootste soort tandwalvis. De wetenschappelijke naam van de soort werd in 1758 gepubliceerd door Carl Linnaeus
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek