carrousel

/kɑru'sɛl/

Wat is de betekenis van carrousel?

carrousel betekent: een ronddraaiende kermisattractie

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een ronddraaiende kermisattractie
  2. waterbeheer, techniek (waterbeheer), (techniek) een waterzuiveringsmethode
  3. techniek, industrie (techniek), (industrie) een machine in een fabriek die (horizontaal) ronddraait, vaak gebruikt om een product te laten drogen of om een verpakking te vullen
  4. huishouden (huishouden) een ronde draaischijf in een keukenkast
  5. figuurlijk (figuurlijk) een niet-homogene verzameling van iets (meestal in abstracte zin)

Voorbeelden van "carrousel" in een zin

  • De kinderen willen in de carrousel.
  • Chantal voelde hoe schaamte een plaatsje in de carrousel van haar gevoelens opeiste.

Etymologie

* Frans

Vertalingen

Engelscarousel, carrousel, merry-go-round
Spaanstiovivo, carrusel