chromosoom

onzijdig (het)/ˌxromoˈzom/

Wat is de betekenis van chromosoom?

chromosoom betekent: (biologie) staafachtig lichaampje in de celkern dat drager van erfelijke eigenschappen is

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. biologie (biologie) staafachtig lichaampje in de celkern dat drager van erfelijke eigenschappen is

Voorbeelden van "chromosoom" in een zin

  • Bij de mens hebben de lichaamscellen 23 paren chromosomen, te weten 22 paren autosomen en 1 paar geslachtschromosomen.

Etymologie

*van "Chromosom", in de betekenis van ‘drager van erfelijke eigenschappen in celkern’ aangetroffen vanaf 1907

Vertalingen

Engelschromosome
Franschromosome
DuitsChromosom
Spaanscromosoma
Italiaanscromosoma
Turkskromozom
Poolschromosom