condensatiekern
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (natuurkunde) (meteorologie) een zeer fijn, in de lucht zwevend, wateraantrekkend stofdeeltje. Als de temperatuur van vochtige lucht onder het dauwpunt zakt, zullen de in de lucht aanwezige losse watermoleculen (waterdamp) hierop gaan samenklonteren: er treedt condensatie op. Op grote schaal leidt deze condensatie tot de vorming van wolken, nevel of mist
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek