consolidatie
vrouwelijk (de)/ˌkɔnsoliˈda(t)si/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- versteviging, versterking
- (economie) het omzetten van een kortlopende schuld in een langlopende leningConsolidatie van de kortlopende schuld.
- (economie) het samenvoegen van de financiële resultaten van moeder- en dochtervennootschappen tot één geheelEen in de consolidatie opgenomen vennootschap.
- (juridisch) het bijwerken van een oorspronkelijke wetgevende tekst zonder een geheel nieuwe tekst op te stellenBij de consolidatie van wetteksten gaat het om een zuiver declaratoire en informele vereenvoudiging van rechtsbesluiten.
- (medisch) het dikker worden of verstopt raken van weefselsConsolidatie van het longweefsel.
- (geologie) het afnemen van het volume en tegelijkertijd toenemen van de dichtheid van gesteenteDeze gesteenten ontstaan door consolidatie van afgezette minerale stoffen.
Etymologie
* Afgeleid van consolideren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek