contrasteren

Betekenis

werkwoord
  1. absol (absol) een tegenstelling vormen
    Tegen die achtergrond contrasteert het nauwelijks.
    Een schitterend hotel met een azuurblauwe zee op de achtergrond contrasteerde heftig met de bakken regen die er in Almere-Buiten uit de lucht vielen.
    De woorden contrasteerden echter met haar zachte stemgeluid waarin geen verwijt doorklonk.
  2. ov (ov) in tegenstelling brengen
    In dat boek wordt dat gecontrasteerd tegen de gebeurtenissen in het oosten.

Etymologie

*afgeleid van het Franse contraster ( en ) [https://fr.wiktionary.org/wiki/contraster Wiktionnaire]

Vertalingen

Engelscontrast
Franscontraster
Duitskontrastieren
Spaanscontrastar