cosmetica

/kɔsˈmetika/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verzamelnaam voor middelen die gebruikt worden voor het opmaken van met name het gezicht om schoonheidsredenen
    Al in het Oude Egypte waren cosmetica erg gewild.

Etymologie

*[2] van modern Latijn "cosmetica", dat teruggaat op "κοσμητική" ("τέχνη") (kosmètikè téchè) "(kunst) van het mooi maken"; in de betekenis van ‘cosmetische middelen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1734