credo
onzijdig (het)/ˈkredo/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) apostolische geloofsbelijdenis
- belijdenis van een innig(e) geloof of overtuiging
- motto
Etymologie
* van Latijn "credo", in de betekenis van ‘geloofsbelijdenis’ voor het eerst aangetroffen in 1236
Vertalingen
Engelscreed, creed
DuitsKredo, Kredo, Kredo
Spaanscredo, credo, credo
Zweedscredo, credo, credo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek