cultuurvolk

onzijdig (het)/kʏl'tyrvɔlk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. cultuur, antropologie (cultuur) (historiografie) (antropologie) volk/bevolkingsgroep met een hoge mate van beschaving
    Zou alzoo, strikt genomen, een behandeling van den Duitschen invloed op Nederland's beschaving eerst zin hebben met het midden der zeventiende eeuw als beginpunt, de voorwaarden, die ons begrijpelijk maken, hoe ons volk zich sedertdien tegenover Duitschen invloed gedragen heeft, liggen veel verder terug, in de ontwikkeling der Nederlanders tot een zelfstandig cultuurvolk.

Etymologie

* Ontleend aan Duits "Kulturvolk"

Vertalingen

Engelscivilized people
Franssociété à histoire
DuitsKulturvolk