dagvaarden

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) voor een rechtszitting oproepen
    Mijn irritante buurman werd door mij gedagvaard.

Etymologie

* In de betekenis van ‘oproepen voor het gerecht’ voor het eerst aangetroffen in 1522

Vertalingen

Engelssummon, cite
Fransciter, convoquer
Duitsvorladen
Spaanscitar, emplazar