dampdichtheid

vrouwelijk (de)/dɑmb'dɪxthɛɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het dampdicht zijn
  2. natuurkunde (natuurkunde) de verhouding tussen de massa's van een bepaald volume damp bij bepaalde temperatuur en druk en de massa van hetzelfde volume van een gas bij dezelfde temperatuur en druk

Etymologie

* afgeleid van dampdicht