data

/ˈdata/

Wat is de betekenis van data?

data betekent: (informatica) gegevens, informatie

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica (informatica) gegevens, informatie

Voorbeelden van "data" in een zin

  • Nadat hij alle data in de computer had ingevoerd kon hij beginnen met de statistische verwerking daarvan.

Betekenis en uitleg van data

Data verwijst naar verzamelde feiten en cijfers die kunnen worden geanalyseerd om informatie te verkrijgen. Het kan gaan om alles van getallen en statistieken tot tekst en beelden, en het vormt de basis voor veel moderne technologieën en besluitvorming.

Het woord 'data' wordt vaak gebruikt in de context van wetenschappelijk onderzoek, bedrijfsanalyse en technologie. In de digitale wereld is het essentieel voor het begrijpen van trends, het maken van voorspellingen en het optimaliseren van processen. Data kan zowel gestructureerd, zoals in databases, als ongestructureerd zijn, zoals in sociale media berichten.

Voorbeelden

  • De onderzoekers verzamelden data over het consumentengedrag om hun marketingstrategieën te verbeteren.
  • In de vergadering presenteerde ze de data van het afgelopen kwartaal om de voortgang van het project te illustreren.
  • Met behulp van data-analyse kon het team de meest populaire producten identificeren en hun voorraad beheren.

Woordoorsprong

Het woord 'data' is afgeleid van het Latijnse 'datum', wat 'gegeven' betekent. Het wordt vaak gebruikt als meervoud, hoewel het in de praktijk ook als enkelvoud wordt gebruikt.

Veelgestelde vragen over data

Wat is de betekenis van data?

data betekent: (informatica) gegevens, informatie

Wat zijn synoniemen van data?

Synoniemen van data zijn: datums.

Hoe gebruik je data in een zin?

Voorbeeld: “Nadat hij alle data in de computer had ingevoerd kon hij beginnen met de statistische verwerking daarvan.

Etymologie

*Afkomstig uit het Latijn, meervoud van datum