declinatie
vrouwelijk (de)/dekliˈna(t)si/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (aardrijkskunde) van een punt op aarde, de hoek tussen het magnetische en het geografische noorden
- (astronomie) de afstand (in booggraden) van een hemelobject ten opzichte van de hemelequator
- (taalkunde) de flexie van een naamwoord of voornaamwoord naar geslacht, getal en naamval
Etymologie
* Middelnederlands declinacie, leenwoord uit Latijn dēclīnātiō ‘afwijking van een rechte lijn’ (als leenvertaling van Oudgrieks apóklisis (ἀπόκλισις) ‘afstand tot hemelequator’ en klísis (κλίσις) ‘woordflexie’), afleiding bij dēclīnāre ‘afwijken’; zie verder declineren.
Vertalingen
Engelsdeclination
Fransdéclinaison
DuitsDeklination
Spaansdeclinación
Italiaansdeclinazione
Portugeesdeclinação
Poolsdeklinacja, odmiana
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek