dedicatie

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de toewijding van een boek aan iets of iemand
    Of nee, de charme is natuurlijk dat zoveel van wat zo belangrijk was voor de bepruikte professor Van Almeloveen uit Harderwijk nog steeds herkenbaar is in het moderne wetenschapsbedrijf. Ik doel daarmee niet eens op de rituelen rond de promotie, de fascinatie voor boeken en teksten of de onuitroeibare archaïsmen (de dedicatie van een boek, 'amice collega' als niet spottend bedoelde briefaanhef, de in onbegrijpelijk Latijn gestelde doctorsbul), maar wel op de regels van de Republiek der Letteren, die Van Almeloveen beheerste als geen ander. NRC Paul Schnabel 30 augustus 1997 [https://www.nrc.nl/nieuws/1997/08/30/de-letteren-in-harderwijk-7365961-a645068 De letteren in Harderwijk]
  2. met de hand geschreven opdracht van de auteur
    En boeken van Jeroen Brouwers, al dan niet eigenhandig door hem opgeluisterd met dedicatie, vliegenlijkvlek, neusinhoudfossiel. Al dan niet gedrukt op 105 grams Ingres M.B.M. arches blanc; al dan niet opgebaard in linnen schuifdoos met lintje. De Standaard 10 JUNI 1999 Benno Barnard [http://www.standaard.be/cnt/dex228032000_007 Amore, more, ore, re]
  3. toewijding in het algemeen
    Het anachronisme van de erfopvolging is een zegen voor 's lands stabiliteit. Nu begrijp ik de dedicatie al beter. Toch belet die koningsgezindheid met een monkellachje geen hard oordeel over ,,Boudewijn de Vrome'' die op een potsierlijke wijze de meerderheid van zijn onderdanen schoffeerde om de abortusliberalisering niet te moeten tekenen. De Standaard 23 AUGUSTUS 2001 OM 00:00 UUR | Gita Deneckere [http://www.standaard.be/cnt/dsl23082001_006 Geert van Istendaels Belgiëboek]

Etymologie

* uit het Frans

Vertalingen

Engelsdedication