deeltijd-vut

vrouwelijk (de)/'deltɛɪtfʏt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het gedeeltelijk uittreden uit het arbeidsproces waarbij men in deeltijd werkt van de VUT-gerechtigde tot de pensioengerechtigde leeftijd. Het loon wordt vervangen door een VUT-uitkering

Etymologie

* , (samenkoppeling) van deeltijd en VUT