deserteur
mannelijk (de)/dezɛr'tør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (militair) een militair die uit eigen wil zijn legeronderdeel in de steek laatDe deserteur werd gepakt en voor de krijgsraad gesleept.
- iemand die zijn eigen club verraadTwee foute renners treffen elkaar in de finale van de wedstrijd, Niki Terpstra is de foute man voor Pieter Weening, want veel te snel in de eindsprint. Weening is de foute man voor Terpstra, want die is van het Rabo-blok dat de overwinning niet weg wil geven. Dan blijkt Weening toch de juiste man voor Terpstra. Hij neemt over en de voorsprong loopt op tot 40 seconden. Voor de Rabo-regisseurs is Weening opeens de meest foute renner van de ploeg. Een deserteur is pas een volwaardige deserteur als hij verliest. Ondeugend zijn mag, maar dan wel met een bloementuil in de hand. Arme Pieter, hij kreeg de volle laag. Een kop van jut op de kermis was er niets bij. NRC Peter Winnen 29 juni 2010
Etymologie
* van deserteren
Vertalingen
Engelsdeserter
Fransdéserteur
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek