dictatuur
vrouwelijk (de)/dɪkta'tyr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (politiek) staatsvorm waarbij de macht vrijwel volledig in handen van een of enkele personen ligt“Dertien jaar na de invasie is Irak een verscheurd, verwoest en getraumatiseerd land. Van een snelle overgang van dictatuur naar democratie, zoals de Amerikaanse en Britse regering voorspelden, is niets terechtgekomen. In plaats daarvan is in Irak een meedogenloze machtsstrijd uitgebroken, die tot op de dag van vandaag voortduurt, en die heeft geleid tot opmars van de meest gevreesde terreurbeweging ter wereld: Islamitische Staat (IS).” NRC Floortje Rawee 8 juli 2016steeds meer Russen constateren dat ook zij gevangenen zijn - niet van granaatvuur, maar van een volwaardige dictatuur. [https://www.nu.nl/spanningen-oekraine/6188432/poetin-vernietigt-niet-alleen-oekraine-maar-laat-ook-weinig-over-van-rusland.html www.nu.nl (10 mrt 2022)]
- (figuurlijk) meedogenloze overheersingBrusselaars zijn de dictatuur van Koning Auto zat NRC Tijn Sadée 27 juli 2015
Etymologie
*Via het Latijnse dictatura van dictare
Vertalingen
Engelsdictatorship, dictature
Fransdictature
DuitsDiktatur
Spaansdictadura
Italiaansdittatura
Portugeesditadura
Russischдиктатура
Chinees獨裁政體
Japans独裁政治, 独裁
Koreaans독재
Arabischديكتاتورية
Turksdiktatörlük
Poolsdyktatura
Zweedsdiktatur
Deensdiktatur
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek