digitalis
mannelijk/vrouwelijk (de)/diɣi'talɪs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een geslacht uit de weegbreefamilie (). Het geslacht telt wereldwijd meer dan 22 twee- en meerjarige soorten
- (farmacologie) geneesmiddel voor hartziekten, bereid uit vingerhoedskruid
Etymologie
* Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘vingerhoedskruid’ voor het eerst aangetroffen in 1663
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek