dip

/dɪp/

Wat is de betekenis van dip?

dip betekent: (m): (psychologie) slechte (emotionele) periode

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. psychologie (m): (psychologie) slechte (emotionele) periode
  2. economie (economie) conjuncturele neergang
  3. voeding (voeding) (f)/(m): dipsaus

Voorbeelden van "dip" in een zin

  • Hij zit in een dip.
  • 'De laatste weken zat ik in een soort van dip,' begon ze zonder enig teken vooraf.
  • De economie zit in een dip.
  • Geef je me de dip even?

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘inzinking’ voor het eerst aangetroffen in 1989

Vertalingen

Fransdéprime
DuitsTief