dombo

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈdɔmbo/

Wat is de betekenis van dombo?

dombo betekent: (scheldwoord) iemand die traag van begrip is

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheldwoord (scheldwoord) iemand die traag van begrip is

Voorbeelden van "dombo" in een zin

  • Pannenkoek: dan krijg je dat. Nooit eerder was Marco zo beledigd en heel Nederland voelde met hem mee. Een voormalige held vergelijk je niet met een kindertraktatie. Klootzak: oké. Zakkenwasser: moet kunnen. Prutser, nietsnut, hufter, dombo — alles is beter dan iemand die zijn stinkende best doet uit te maken voor een bruin en plat gerecht bestaande uit meel, melk, ei en een snufje zout. NRC Auke Kok 27 mei 2016

Etymologie

*van Amerikaans "dumbo", onder invloed van de tekenfilm uit 1941, in de betekenis van ‘sufferd’ voor het eerst aangetroffen in 1988