douch

Wat is de betekenis van douch?

douch betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van douchen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van douchen
  2. gebiedende wijs van douchen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van douchen

Voorbeelden van "douch" in een zin

  • Ik douch.
  • Douch!
  • Douch je?