druppelen
/ˈdrʏpələ(n)/
Wat is de betekenis van druppelen?
druppelen betekent: (erga) in druppels neervallen
Betekenis
werkwoord
- (erga) in druppels neervallen
- (inerg) druppels laten vallen
- (ov) in druppels laten neervallen
Voorbeelden van "druppelen" in een zin
- Er is hars uit dat stuk hout gedruppeld.
- Na die oogoperatie heb ik nog enige tijd gedruppeld, maar het was snel weer geheeld.
- Anna druppelde regelmatig vocht op de lamsbout.
Etymologie
*Afgeleid van druppel
Vertalingen
Engelsdrip
Fransdégoutter
Duitstropfen
Spaansgotear
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek