dubbelzinnigheid

vrouwelijk (de)/dʏbəl'zɪnəxhɛit/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iets dat op meerdere manieren te interpreteren is
    Eigenlijk is 5200 woorden een uit de hand gelopen taalspelletje. In een virtuoze, soms oeverloze monoloog rijgt Gençboyaci associatief zinnen aan elkaar en toont de dubbelzinnigheid van taal. Volkskrant VINCENT Kouters 23 mei 2017
  2. met een obscene bijbedoeling of betekenis
    De Nederlandse alcoholbranche heeft een klacht ingediend tegen Neuken Liqueur, een alcoholisch drankje op basis van rode wodka en frambozen. Branchevereniging Spirits NL en de Stichting Verantwoorde Alcoholconsumptie (STIVA) vallen over de dubbelzinnige reclameslogans van het bedrijf.Tubantia Navin Bhagwat 08-DECEMBER-2017

Etymologie

*afleiding van dubbelzinnig

Vertalingen

Engelsambiguity
Fransambiguïté
Spaansambigüedad