duig

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van duig?

duig betekent: plank van de wand van een vat of ton

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plank van de wand van een vat of ton

Betekenis en uitleg van duig

Het woord 'duig' verwijst naar een stuk of een deel van een groter geheel, vaak gebruikt om een specifieke manier of vorm aan te duiden. In de volksmond kan het ook betekenen dat iets niet helemaal goed of in orde is, zoals in 'het is een beetje duig'.

Je kunt 'duig' gebruiken in informele situaties waarin je wilt aangeven dat iets niet helemaal klopt of dat er iets mis is. Het heeft vaak een negatieve connotatie en kan gebruikt worden om een gebrek aan kwaliteit of afwerking aan te duiden. Het woord komt vooral voor in gesproken taal en minder in formele teksten.

Voorbeelden

  • De meubels in die kamer zijn een beetje duig; ze passen totaal niet bij elkaar.
  • Het verslag was niet goed geschreven, het leek wel of het in een duig was samengesteld.
  • Na de verbouwing zag het huis er nog steeds duig uit, ondanks de nieuwe verflaag.

Woordoorsprong

De herkomst van 'duig' is niet volledig duidelijk, maar het lijkt verwant aan woorden die een negatieve of mindere kwaliteit aanduiden. Mogelijk is het afgeleid van dialecten of populaire uitdrukkingen in bepaalde regio's.

Veelgestelde vragen over duig

Wat is de betekenis van duig?

duig betekent: plank van de wand van een vat of ton

Welk woordgeslacht heeft duig?

duig is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Etymologie

* Middelnederlands dūghe ‘duig, lat’, leenwoord uit middeleeuws Latijn dōga ‘gracht, vat, recipiënt’, ontleend aan Oudgrieks dokhḗ ‘vat; kanaal’.

Vertalingen

Engelsstave
Fransdouve
DuitsDaube
Spaansduela
Italiaansdoga
Portugeesaduela