e-mailcontact
onzijdig (het)/ˈimelkɔnˌtɑkt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- communicatie met behulp van elektronische postDe ontsnapte tbs'er Ronald van Z. eist dat twee medewerkers van de Nijmeegse Pompekliniek aftreden. Zolang dat niet gebeurt blijft hij ondergedoken, meldt Omroep Gelderland op basis van e-mailcontact met de man.Onder anderen Michael Flynn, de voormalige Nationale Veiligheidsadviseur, zou telefoongesprekken en e-mailcontact hebben gehad met Russische ambtenaren.En in de persoonlijke sfeer geldt dat de gestage toevloed van e-mailcontacten afbreuk doet aan het zichtbare en voelbare contact met echte mensen, met vrienden en familie en met de zintuigelijke werkelijkheid.
- iemand waarmee men via elektronische post communiceertIk stuur al mijn e-mailcontacten een kaartje met Kerstmis.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek