edelheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het nobel zijn
    Ik was een opportunist. Omdat ik nu eenmaal het Midden-Oosten als specialisatie had en er woonde, kwam ik in oorlogen terecht. Ik viel van de ene in de andere verbazing, en meestal onvoorbereid met mijn neus in levensgevaarlijke situaties. Ik werd op de been gehouden door drank en eerzucht, maar te vaak twijfelde ik aan de edelheid van mijn motieven. HP de Tijd ARTHUR VAN AMERONGEN 11 SEP 2015 [https://www.hpdetijd.nl/2015-09-11/911-hoeren-heroine-koude-kalkoen-en-neo-vulturisme-in-afghanistan/ 9/11: hoeren, heroïne, koude kalkoen en neo-vulturisme in Afghanistan]
  2. de hoogste klasse van mensen

Etymologie

* afleiding van edel

Vertalingen

Engelsnobleness