eerlijk
/ˈeːrlək/
Wat is de betekenis van eerlijk?
eerlijk betekent: vrij van leugen en bedrog
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- vrij van leugen en bedrog
- op een gepaste, eervolle wijze
bijwoord
- op een gepaste, eervolle wijze
Voorbeelden van "eerlijk" in een zin
- Wees eerlijk en vertel de waarheid!
- 'Time-out, dit is niet eerlijk! Ik had nu ook mijn koffer kunnen pakken en weg kunnen gaan. Maar zo ben ik niet. Ik laat jou niet in de steek. Maar dit is een grote kans voor mij, gun mij dat.'
- Ik vertelde hem eerlijk dat ik geen kracht meer had om de pas over te steken en dat ik het erg fijn zou vinden om het de volgende ochtend samen met hem te doen.
- Eerlijk gezegd kwam het niet als een verrassing.
Etymologie
erfwoord via Middelnederlands eerlijc "braaf" van Oudnederlands erlik "respectabel", in de betekenis van ‘respectabel’ aangetroffen vanaf 901, op te vatten als afgeleid van eer met het achtervoegsel -lijk
Vertalingen
Duitsehrlich
Engelsfair, honest
Franshonnête
iohonesta
Italiaansonesto, onesta
Portugeeshonesto, honesta
rocinstit, onest
Spaanssincero, honrado, justo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek