egaal

/e'gal/

Wat is de betekenis van egaal?

egaal betekent: effen, eenkleurig

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. effen, eenkleurig
  2. gelijkmatig.
  3. onverschillig.
  4. glad, zonder hobbels, bobbels of klonten

Voorbeelden van "egaal" in een zin

  • Het kleedje was egaal rood.
  • De lucht was egaal helder.
  • 't Is mij egaal.
  • Ik maakte de grond eerst egaal voordat ik het gras ging inzaaien.
  • Voor het maken van pannenkoeken heb je een egaal beslag nodig.

Etymologie

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gelijkmatig, glad’ voor het eerst aangetroffen in 1503

Vertalingen

Engelseven, level, equal
Spaansigual