Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
eigen haard
mannelijk (de)/ΛΙixΙ(n)Λhart/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (figuurlijk) gezin en woning van jezelfEn ik ben vooral blij dat ikzelf en niet iemand anders die dagen kan bepalen. DΓ t is mijn grote triomf over het verleden. En over de duistere bedoelingen van mijn moeder, die heel haar leven lang spaarde, gaarde, schrobde, waste, schuurde, verstelde, etc. in de hoop dat al haar handelingen zouden bijdragen om mij een vaste betrekking, een zuinige vrouw en zelfs een eigen haard te bezorgen. Maar ik ben nog steeds geen staatsbediende, heb geen huisje met het daarbijbehorend kruisje, bezit geen spaarboekje of certificaten van het Wegenfonds. Ik ben namelijk een vrij man, meester van mezelf en van mijn tijd.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek