electoraat

onzijdig (het)/ˌelɛktoˈrat/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. politiek (politiek) geheel van personen die stemmen of kunnen stemmen bij een verkiezing
    Het electoraat zal daarover een uitspraak moeten doen.
    Halverwege de dag (rond 14.00 uur) had in Den Haag iets meer dan 19 procent van het electoraat zijn stem uitgebracht voor de gemeenteraad.
    Zijn electoraat zijn vooral oudere kiezers die niet hebben geprofiteerd van de opbloei van de economie en met nostalgische gevoelens op de vroegere Sovjet-Unie terugkijken.
  2. geschiedenis (geschiedenis) van de 13e tot 19e eeuw elk van de Duitse vorstendommen die een stem hadden bij het aanwijzen van een keizer
    {{ouds

Etymologie

**[2] in de betekenis "keurvorstendom" aangetroffen vanaf 1784 (zie vindplaats hieronder)

Vertalingen

Engelselectorate
Fransélectorat
Spaanselectorado