elf

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɛlᵊf/

Wat is de betekenis van elf?

elf betekent: 11, het getal tussen tien en twaalf

Betekenis

telwoord
  1. 11, het getal tussen tien en twaalf
  2. om een hoeveelheid aan te geven
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 11 is aangeduid
  2. groep van 11 eenheden
zelfstandig naamwoord
  1. mythologisch wezen dat meestal over bovennatuurlijke krachten beschikt,
  2. vriendelijke natuurgeest, meestal in de gedaante van een meisje met vleugels

Voorbeelden van "elf" in een zin

  • Een strafschop wordt genomen op elf meter van het doel.
  • De totale kosten bedragen elf euro en zevenendertig cent.
  • In Amerika verwijst "9/11" naar de aanslagen van elf september 2001.
  • Het juiste antwoord op opgave elf is "42".
  • Rond elf uur hield ik het niet meer en nam één hap van mijn Snicker. Ik kauwde zorgvuldig om optimaal te genieten van de nougat, pinda’s, karamel en melkchocolade.

Betekenis en uitleg van elf

Het woord 'elf' verwijst in de eerste plaats naar een mythologisch wezen dat vaak wordt afgebeeld als een klein, magisch figuur met puntige oren. In de volksverhalen zijn elfen vaak verbonden met de natuur en hebben ze bijzondere krachten, zoals het beïnvloeden van de natuur of het brengen van geluk.

Je kunt het woord 'elf' gebruiken in een fantasiecontext, zoals boeken, films of spelletjes waar magie en mythische wezens centraal staan. Daarnaast wordt het ook vaak gebruikt in de context van Kerstmis, waar elfen worden afgebeeld als behulpzame wezens die de kerstman assisteren. De term kan ook een speelse of kinderlijke connotatie hebben, wat het geschikt maakt voor gesprekken over sprookjes of kinderliteratuur.

Voorbeelden

  • In het verhaal over het verloren koninkrijk hielp een dappere elf de held op zijn zoektocht.
  • De kinderen waren dol op de elfen die in de tuin van hun grootouders woonden, volgens de oude verhalen.
  • Tijdens de kerstviering kwamen er vrolijke elfen langs om de kinderen te vermaken met hun magie.

Woordoorsprong

Het woord 'elf' komt van het Oudengelse 'ælf', dat verwijst naar een soort mythisch wezen in de Germaanse mythologie.

Veelgestelde vragen over elf

Wat is de betekenis van elf?

elf betekent: 11, het getal tussen tien en twaalf

Hoeveel betekenissen heeft elf?

elf heeft 7 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft elf?

elf is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je elf in een zin?

Voorbeeld: “Een strafschop wordt genomen op elf meter van het doel.

Etymologie

*[B] van Middelnederlands "elf" in de brede betekenis van magisch wezen; in de betekenis van ‘kleine, vriendelijke natuurgeest’ van "Elf" voor het eerst aangetroffen in het jaar 1855

Vertalingen

Engelseleven, elf
Fransonze
Duitself
Spaansonce
Italiaansundici
Russischодиннадцать
Turkson bir, peri
Zweedselva
Deenselleve