elixir

onzijdig (het)/eˈlɪksir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een ingedikt, stroperig aftreksel van kruiden of planten dat vaak alcohol bevat
    Pontificaal gezeten in mijn bomma's fauteuil, onder de Byzantijnse afbeelding van Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstand in haar karmozijnrode gewaad, een drupje Elixir d'Anvers op het ovale bijzettafeltje, liet heeroom tijdens zijn congé sigarenrook de kamer in kringelen. Tubantia 19-12-15 [https://www.tubantia.nl/show/nederland-wint-vernieuwde-editie-groot-dictee~a40b4b32/ Nederland wint vernieuwde editie Groot Dictee]
  2. een drankje, waaraan doorgaans bepaalde magische of geneeskundige eigenschappen worden toegeschreven

Etymologie

* uit het Arabisch الإكسير - al-'iksīr