elpen
onzijdig (het)/ˈɛlpə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (materiaalkunde) (verouderd) glanzend wit tandbeen van olifantenJupyn leunt op den staf van elpen, als beschermer, (…)
Etymologie
#(figuurlijk) wit of bleek als ivoor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek