epicurist
mannelijk (de)/ˌepikyˈrɪst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (filosofie) volgeling van Epicurus, die leerde dat het geluk van personen het hoogste goed in het menselijk leven isIk zou meer in het verborgene willen gaan leven. ‘Lathe biosas’, zeiden de epicuristen. Leef onopvallend.
- genotzuchtig persoonDe naam van Oskar Lafontaine - sociaal-democraat en bovendien epicurist - kwam natuurlijk ook voor. Want die houdt zeer van dames, hij is ook al voor de derde keer getrouwd.
Etymologie
*(eponiem), afgeleid van de naam in het Latijn van de Griekse wijsgeer uit de 4e eeuw v.Chr.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek