epiloog

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een naschrift toegevoegd aan een boek of film, nawoord, narede
    In de epiloog werd daarover gezwegen.
  2. naspel
  3. naspel van een reeks gebeurtenissen

Etymologie

* Van het Latijnse epilogus, van het oud-Griekse ἐπίλογος (“een conclusie”), van ἐπιλέγειν (“in aanvulling zeggen”), van ἐπί (“in aanvulling”) + λέγειν (“zeggen”)

Vertalingen

Engelsepilogue
Fransépilogue
DuitsEpilog, Nachwort
Spaansepílogo
Russischэпилог, послесловие
Poolsepilog, posłowie