epitheel

onzijdig (het)/ˌepiˈtel/

Wat is de betekenis van epitheel?

epitheel betekent: (biologie) dekweefsel, bovenste laag van de huid en slijmvliezen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. biologie (biologie) dekweefsel, bovenste laag van de huid en slijmvliezen

Voorbeelden van "epitheel" in een zin

  • Het belangrijkste kenmerk van dit epitheel - een soort eenlagig dekweefsel - is dat de cellen uitgerekt zijn, zodat ze dicht in elkaar gepakt kunnen zitten.

Veelgestelde vragen over epitheel

Wat is de betekenis van epitheel?

epitheel betekent: (biologie) dekweefsel, bovenste laag van de huid en slijmvliezen

Welk woordgeslacht heeft epitheel?

epitheel is een onzijdig (het).

Hoe gebruik je epitheel in een zin?

Voorbeeld: “Het belangrijkste kenmerk van dit epitheel - een soort eenlagig dekweefsel - is dat de cellen uitgerekt zijn, zodat ze dicht in elkaar gepakt kunnen zitten.

Etymologie

*afgeleid van het Griekse 'thèlein' bloeien, groen zijn)

Vertalingen

Engelsepithelium
Fransépithélium
DuitsEpithel
Spaansepitelio
Portugeesepitélio