erflating

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. erven van bezittingen aan de nazaten van de overleden erflater
    De Brabanders hadden uit Oost-Brabant een huwelijkspatroon meegebracht dat niet zozeer leidde tot huwelijken tussen directe bloedverwanten (toen nog tot in de vierde graad in de rooms-katholieke kerk verboden), maar wel tot huwelijk binnen hetzelfde kleine aantal families. Het oorspronkelijke doel was bij erflating versnippering van de grond door verdeling over meer families te voorkomen. NRC Dr. H.A.V.M. van Stekelenburg 31 januari 1998 [https://www.nrc.nl/nieuws/1998/01/31/porfyrie-7385562-a364004 PORFYRIE]
  2. door erven verkregen bezittingen

Etymologie

* afleiding van erven