ergeren

/ˈɛrɣərə(n)/

Wat is de betekenis van ergeren?

ergeren betekent: (ov) gevoelens van onvrede veroorzaken

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) gevoelens van onvrede veroorzaken
  2. refl (refl) zich ~ aan gevoelens van onvrede ervaren

Voorbeelden van "ergeren" in een zin

  • Die onzinbots met hun absurde wijzigingen ergerden hem mateloos.
  • Na mijn gesprekje met John had ik steeds aan bacon moeten denken. Toen de lange kamerheer me mee de keuken uit nam, had ik het gevoel alsof me een lekker hapje uit de hand was gegrist. 'Meneer?'zei ik. Ík heb sinds vanochtend niets meer gegeten. Hij keek me geërgerd aan. 'We hebben het middageten al gehad. Misschien kun je vanavond nog wat mee-eten.'
  • Daar ergerde hij zich al lang aan.
  • Ik begon me steeds meer aan kleine dingen te ergeren. Door het vele blowen trok de groep ook een aantal vervelende types aan en splitste men zich steeds vaker in kleine groepjes af, waardoor ik me minder op mijn gemak voelde.

Veelgestelde vragen over ergeren

Wat is de betekenis van ergeren?

ergeren betekent: (ov) gevoelens van onvrede veroorzaken

Hoeveel betekenissen heeft ergeren?

ergeren heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je ergeren in een zin?

Voorbeeld: “Die onzinbots met hun absurde wijzigingen ergerden hem mateloos.

Etymologie

*afgeleid van erger

Vertalingen

Engelsannoy, be vexed
Fransénerver, s'énerver
Duitsärgern, reizen, sich ärgern
Spaansirritar, agrazar, airar