eruptie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plotselinge, felle uiting
  2. geologie (geologie) het uitstoten van gassen, rook en lava door een vulkaan
    De energie die bij de plinische eruptie van de Tambora in 1815 vrijkwam was gelijk aan 34.000 megaton TNT of 1700 atoombommen van het type Hiroshima (20.000 kiloton) [https://nl.wikipedia.org/wiki/Uitbarsting_van_de_Tambora_(1815) Wikipedia]
    In mei 1980 was Mt. St. Helens nog uitgebarsten, een van de grootste vulkanische erupties uit de geschiedenis van de Verenigde Staten, waarbij een groot deel van de berg instortte.
  3. medisch (medisch) plotselinge huiduitslag

Etymologie

*afgeleid van het Franse éruption of daarvoor van het Latijnse 'eruptio'

Vertalingen

Engelseruption, vulcanian eruption, rash
Franséruption, éruption volcanique, éruption cutanée
DuitsAusbruch, Eruption
Spaanserupción, erupción volcánica, dermatitis simple
Italiaanseruzione vulcanica, eruzione cutanea, sfogo
Portugeeserupção, erupção vulcânica
RussischИзвержение вулкана
Poolserupcja wulkanu