ets

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɛts/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. afbeelding gemaakt met behulp van inbijting van zuur
  2. plaat met een dergelijke afbeelding
    De kunstenaar had zijn ets net op tijd af.

Etymologie

*Ontleend aan Vroegnieuwhoogduits etzen