ets
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɛts/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- afbeelding gemaakt met behulp van inbijting van zuur
- plaat met een dergelijke afbeeldingDe kunstenaar had zijn ets net op tijd af.
Etymologie
*Ontleend aan Vroegnieuwhoogduits etzen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek