evenhoevig
ˌevənˈhuvəx
Wat is de betekenis van evenhoevig?
evenhoevig betekent: vooral lopend op twee tenen van elke voet, waarvan de nagels zijn uitgegroeid tot hoeven; behorend tot de zoogdieren uit de orde Artiodactyla
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- vooral lopend op twee tenen van elke voet, waarvan de nagels zijn uitgegroeid tot hoeven; behorend tot de zoogdieren uit de orde Artiodactyla
Voorbeelden van "evenhoevig" in een zin
- De export van koeien, varkens en ander evenhoevig vee is dit eerste halfjaar sterk gedaald.
Etymologie
leenvertaling van Latijn Artiodactyla dat is gevormd uit Oudgrieks ἄρτιος (ártios) "even" en δάκτυλος (dáktylos) "vinger, teen", samenstellende afleiding van even bn hoef zn met het achtervoegsel -ig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek